Weer een broodbaksessie achter de rug en weer nieuwe inzichten. Het leuke aan brood bakken is dat je blijft leren. Elke keer ontdek je weer een detail dat het verschil kan maken.

De CV kast rijst
Eerste grote ontdekking: de CV kast als rijskast werkt echt fantastisch! Sinds ik daar mijn desem laat rijzen gaat alles veel beter. Het blijkt dat niet alleen de desemstarter zelf daar goed gedijt, maar ook het deeg tijdens de vouwsessies. Dus nu zet ik het deeg gewoon tussen de vouwen door ook even in de CV kast. Scheelt een hoop tijd en het rijst veel steviger.
Rekenen is moeilijk
Goed nieuws: ik houd de bakkunst niet tegen.
Slecht nieuws: mijn rekenvaardigheden wel.
Ik wilde voor dit recept de hoeveelheid T65 bloem uitrekenen en dacht heel slim voor 2 broden ipv 4: 550 gedeeld door 2 is .. 225. Alleen… eh… nee. Natuurlijk 275! Het verklaart dat mijn baksels de eerst weken in elkaar zakten voor het bakken en ze als discussen werden. Te weinig bloem!
Heter is beter
Ook heb ik voor het eerst gebakken op 250 graden in plaats van mijn gebruikelijke 235. En wat een verschil! De korst werd veel mooier krokant en je krijgt ook die typische ‘oren’ op het brood waar je naar streeft. Voorheen vond ik 250 graden altijd een beetje spannend (stel je voor dat het verbrandt!), maar het blijkt echt de sweet spot te zijn voor een mooi gebakken desembrood (in mijn oven dan).
Al met al weer een stap verder in mijn broodbak-avontuur. En die CV kast blijft voorlopig het populairste plekje in huis!